Analyse en beleggingsresultaten

Een gemengd beeld

We zitten midden in de economische gevolgen van de Covid-19-crisis. De (gedeeltelijke) lockdowns, gesloten horeca­gelegenheden, reis­beperkingen et cetera zijn nog in veel landen aan de orde van de dag. Maar er gloort licht aan het eind van de tunnel. De economische verwachtingen voor het tweede deel van het jaar zijn positief. Aandelenkoersen liepen hier in het eerste kwartaal al verder op vooruit, obligatiekoersen daalden door de gestegen rente.


“Aandelenkoersen stegen over een breed front. In alle regio’s werd onderaan de streep een positief resultaat behaald”

Het beeld op de aandelen­beurzen zou het gevoel kunnen geven dat het nu al goed gaat met de economie. Want de aandelen­koersen zijn over een breed front gestegen en staan dichtbij of op recordniveaus. Dit was echter vooral het gevolg van de positieve voor­spellingen. Zo voorspelden het IMF en de OESO dat de economische activiteit in de wereld de komende maanden verder aantrekt. Verschillende economische indicatoren, zoals de inkoopmanagersindex (PMI) en het ondernemers­vertrouwen, staan op groen en laten hetzelfde beeld zien.


Aandelenkoersen stegen over een breed front. In alle regio’s werd onderaan de streep een positief resultaat behaald. De stijgingen waren dit kwartaal met name zichtbaar in de sectoren die niet aan tech­nologie zijn gerelateerd. Vooral de sectoren energie en financiële waarden deden het goed.


Obligatiebeleggingen hadden dit kwartaal de wind tegen. Met de verwachte economische groei nam ook de inflatie­verwachting toe. Dit zou ertoe kunnen leiden dat centrale banken in de toekomst genood­zaakt zijn om de rente iets te verhogen. Hoewel centrale banken aangaven geen structureel stijgende inflatie te verwachten, is de lange rente gestegen en zijn obligatiekoersen daardoor gedaald.

Aandelen­beleggingen gestegen

Voor het sentiment speelden de steun­programma’s van overheden en centrale banken een belangrijke rol. Deze programma’s lijken voor beleggers een soort ‘vangnet onder de koersen’ te zijn: als het economisch fout gaat, springen overheden en centrale banken wel bij.

Recent zijn de verwachtingen over de mate van het herstel van de economie opwaarts bijgesteld door gerenommeerde instellingen. De aandelen­beleggingen zijn in het eerste kwartaal verder gestegen en hebben in de model­portefeuilles een positieve bijdrage geleverd aan het resultaat.

Regionale aandelenrendementen

1 januari 2021 t/m 31 maart 2021

Europa

MSCI Europe Index

+8,4%

In Europa hebben waarde­aandelen het goed gedaan. Deels was dit een inhaalslag na een achterblijvende prestatie in 2020. De sector energie deed het goed vanwege de flink herstelde (olie)prijzen. Financiële waarden profiteerden sterk van het vooruitzicht dat de economische groei in veel landen gaat aan­trekken. Een hogere rentemarge is gunstiger voor banken vanwege het aantrekken van spaargeld en verstrekken van krediet. Niet alle landen presteerden even goed, maar in de regio Europa stegen aandelen­koersen in het eerste kwartaal met 8,4%.

Noord-Amerika

+9,6%

MSCI North America Index

De Amerikaanse aandelen­beurzen hebben veel steun ondervonden van het noodpakket van president Joe Biden, dat in maart werd goedgekeurd. Hiermee kwam $1.900 miljard beschikbaar om de economie te ondersteunen. Bedrijven profiteerden van de verwachting dat de economie in de tweede helft van 2021 weer sterk gaat groeien. Daarom was er in de afgelopen maanden minder aandacht voor de publicatie van mindere winst- en omzetcijfers van bedrijven. Mede gesteund door een aantrekkende US dollar zijn aandelenkoersen in het eerste kwartaal met 9,6% gestegen.

Opkomende landen

+6,0%

MSCI Emerging Markets Index

Het wel en wee van veel opkomende landen is economisch nauw verbonden met de ver­wachte groei van de wereld­handel en de aan­trekkende vraag vanuit de westerse economieën. In het eerste kwartaal pres­teerden vooral opkomende landen uit Azië goed. Daar staat tegenover dat Latijns-Amerika het corona­virus beslist nog niet onder controle heeft. De bedrijfs­resultaten herstelden daar minder goed en veel economieën werden hard geraakt. In de regio opkomende landen zijn de aandelenkoersen in het eerste kwartaal met 6,0% gestegen.

Pacific

+5,8%

MSCI Pacific Index

In Japan werd in februari bekend dat de economische groei over het vierde kwartaal van 2020 hoger uitviel dan verwacht. Mede door de voorspelling dat de groei in geheel 2021 verder aantrekt stegen de aandelenkoersen in deze regio. Deze voorspelling gold ook voor Australië waardoor de aandelenkoersen gestegen zijn. Aandelenkoersen in de Pacific stegen in het eerste kwartaal gemiddeld met 5,8%.

Bron: Bloomberg / Morningstar

Koersen obligatiebeleggingen zijn gedaald

Voor obligatiebeleggingen was het eerste kwartaal niet positief. De rente steeg in veel westerse landen en daardoor daalden de koersen van veel obligatiebeleggingen. De risico-opslag nam echter ook iets af en dat was weer positief voor bepaalde obligatie­koersen. De daling werd daardoor in een aantal categorieën iets gecompenseerd. Obligatie­beleggingen leverden in het eerste kwartaal een negatieve bijdrage aan de modelportefeuilles.

Overheidsobligaties

In veel Europese landen is de lange rente iets gestegen, hoewel in Duitsland en Nederland deze rente nog steeds negatief is. De stijging van de rente wordt veroorzaakt door de opwaarts bijgestelde groeiverwachtingen, maar ook doordat de ECB maandelijks minder obligaties opkoopt dan in de vorige periode. In de Verengde Staten steeg de lange rente sterker als gevolg van de toegenomen inflatie­verwachtingen. Overheidsobligaties daalden in het eerste kwartaal in Europa met 2,3% en wereldwijd met 2,9%.

Bedrijfsobligaties

In Europa behaalden bedrijfsobligaties een licht negatief resultaat. De rentestijging in Europa werd deels gecompenseerd door de daling van de risico-opslag. Ondanks de gevolgen van de coronacrisis is het aantal bedrijven dat failliet gaat nog steeds aan de lage kant. In de Verenigde Staten was het effect van de rentestijging groter, daar daalden bedrijfs­obligaties sterker. Bedrijfs­obligaties in Europa zijn in het eerste kwartaal met 0,7% en wereldwijd met 3,5% gedaald.

Hoogrentende obligaties

De hoge coupons van hoogrentende obligaties hebben er in Europa voor gezorgd dat deze categorie een positief rendement heeft behaald. Wereldwijd was de koersdaling bij deze categorie beperkt. Onze keuze om ook risicovollere obligaties in de portefeuille op te nemen, bewijst hiermee zijn waarde. De koersen van hoogrentende obligaties stegen in het eerste kwartaal in Europa met 1,5% en daalden wereldwijd met 0,5%.

Obligaties van opkomende landen

De betere economische vooruitzichten voor veel opkomende landen leidde tot een iets hogere rente: dit zorgde voor een daling van de koersen van deze obligaties. Ook valutabewegingen speelden een rol. Obligaties in opkomende landen in sterke valuta, zoals de US dollar, daalden met 3,4% en obligaties in lokale valuta daalden met 2,8%.

Aan inflatie gekoppelde obligaties

Aan inflatie gekoppelde obligaties zijn vaak overheidsobligaties met een lange looptijd. Dat maakt ze doorgaans kwetsbaarder voor rente­bewegingen. Dit effect zagen we vooral in de Verenigde staten, de grootste markt voor dit type obligaties. De toegenomen inflatie­verwachting was onvoldoende om de rente­stijging te compenseren. In Europa nam de inflatieverwachting ook iets toe door de verwachte hogere consumentenbestedingen. De koersen van aan inflatie gekoppelde obligaties zijn in Europa met 1,2% gestegen en wereldwijd met 2,8% gedaald.

Netto rendement obligatiecategorieën

1 januari 2021 t/m 31 maart 2021


-2,3
-2,9
-0,7
-3,5
1,5
-0,5
-3,4
-2,8
1,2
-2,8
-4%
-3%
-2%
-1%
0%
1%
2%
3%
4%
Overheidsobligaties Europa -2,3%
Overheidsobligaties wereldwijd -2,9%
Bedrijfsobligaties Europa -0,7%
Bedrijfsobligaties wereldwijd -3,5%
Hoogrentende obligaties Europa 1,5%
Hoogrentende obligaties wereldwijd -0,5%
Obligaties opkomende landen HC -3,4%
Obligaties opkomende landen LC -2,8%
Inflatie gekoppelde obligaties Europa 1,2%
Inflatie gekoppelde obligaties wereldwijd -2,8%
-2,3
-2,9
-0,7
-3,5
1,5
-0,5
-3,4
-2,8
1,2
-2,8
-4%
-3%
-2%
-1%
0%
1%
2%
3%
4%
Overheidsobligaties Europa -2,3%
Overheidsobligaties wereldwijd -2,9%
Bedrijfsobligaties Europa -0,7%
Bedrijfsobligaties wereldwijd -3,5%
Hoogrentende obligaties Europa 1,5%
Hoogrentende obligaties wereldwijd -0,5%
Obligaties opkomende landen HC -3,4%
Obligaties opkomende landen LC -2,8%
Inflatie gekoppelde obligaties Europa 1,2%
Inflatie gekoppelde obligaties wereldwijd -2,8%
-2,3
-2,9
-0,7
-3,5
1,5
-0,5
-3,4
-2,8
1,2
-2,8
-4%
-3%
-2%
-1%
0%
1%
2%
3%
4%
Overheidsobligaties Europa -2,3%
Overheidsobligaties wereldwijd -2,9%
Bedrijfsobligaties Europa -0,7%
Bedrijfsobligaties wereldwijd -3,5%
Hoogrentende obligaties Europa 1,5%
Hoogrentende obligaties wereldwijd -0,5%
Obligaties opkomende landen HC -3,4%
Obligaties opkomende landen LC -2,8%
Inflatie gekoppelde obligaties Europa 1,2%
Inflatie gekoppelde obligaties wereldwijd -2,8%
-2,3
-2,9
-0,7
-3,5
1,5
-0,5
-3,4
-2,8
1,2
-2,8
-4%
-3%
-2%
-1%
0%
1%
2%
3%
4%
Overheidsobligaties Europa -2,3%
Overheidsobligaties wereldwijd -2,9%
Bedrijfsobligaties Europa -0,7%
Bedrijfsobligaties wereldwijd -3,5%
Hoogrentende obligaties Europa 1,5%
Hoogrentende obligaties wereldwijd -0,5%
Obligaties opkomende landen HC -3,4%
Obligaties opkomende landen LC -2,8%
Inflatie gekoppelde obligaties Europa 1,2%
Inflatie gekoppelde obligaties wereldwijd -2,8%

Bron: Bloomberg / Morningstar